Monday, May 15, 2006

The dark side

Bijna een maand in Japan. De tijd vliegt. Ik ontdek de contrasten, het lekker eten, de vriendelijkheid, de geloofsbeleving, de variatie. Niets bestaat echter uit rozeschijn en manegeur. Tijd voor een top 10 van de ergernis. Welcome to the dark side...


1. MASSA. Wanneer ik me laat meestromen door de drukke metrogangen in Shinjuku, moet ik steevast denken aan Fritz Lang’s “Metropolis”. Nowhere to run, nowhere to hide. Steeds met de handrem op en zonder in de verte te turen om de botsing te vermijden met de zoveelste man of vrouw die mijn pad kruist of die plots voor mijn neus (of beter borstkas) stilstaat.

2. KORT. Darwins theorie wordt bevestigd. Lange Japanners bestaan niet omdat die het niet overleven. Te lage deuren en te kleine zitplaatsen, onvindbare kledij. Vooral de lage deuren echter… en ja, wist je dat de deuren hier laag zijn?

3. TEKENS. Dit is de eerste keer dat ik op een plaats kom waar ik totaal niets kan lezen. Onmogelijk te weten te komen welke winkels er gehuisvest zijn in die gigantische department stores. De handleiding van mijn wasmachine is al een probleem. Laat staan het vinden van halfvolle melk in de supermarkt. Uit noodzaak heb ik maar iedere soort gekocht, de juiste op smaak geselecteerd en het uitzicht van de fles van buiten geleerd.

4. VERVOER. Wanneer je dagelijks hetzelfde parcours aflegt, kan je daar je (levens?)ritme op instellen. Maar aangezien ik ieder weekend ergens anders heen wil, moet ik ieder weekend weer hopeloos lang zoeken. En dan hebben ze mij nog beet. Mijn trein keert plots terug op 2 haltes van mijn bestemming of ik neem de trage lijn als ik de snelle wilde hebben, en omgekeerd.

5. YEN. Japan is echt het duurste land dat ik ooit heb bezocht. Eten kopen in de supermarkt is selecteren op prijs en niet op smaak. Maar ook het openbaar vervoer. Met de railpass ga ik nu naar Japans uithoeken, maar als ik het wat gezien heb zal ik mij tot Tokyo beperken of ik ben straks nog blut. Zelfs de elektronica die ik hier zocht is gevoelig duurder dan in Belgie.

6. DAGLICHT. Vóór 5 uur ’s ochtends is het al licht. Om 19 u gaat de zon al slapen. Totaal tegen mijn ritme. Ik ben vaak al om 6 u wakker en soms met een sufkop, maar toch lukt het niet om opnieuw te slapen. En ’s avonds gaat het niet om er vroeg in te kruipen. Met als gevolg dat ik wekelijks wel eens een klop krijg tegen aan de avond.

7. REGEN. Belgisch weer lijkt plots "stabiel". Ik begrijp ook waarom 99,99% van de Japanners met een paraplu rondloopt. Zeer tegen mijn zin heb ik me er ook maar ene aangeschaft. En als het niet regent dan heet het hittegolf.

8. INTERNET. Ik mis een snelle verbinding. Internetcafé goed en wel, maar dat is toch minder knus. En ik kan mijn laptop met mijn programma’s (en met ons alfabet!) daar niet gebruiken.

9. TECHNO. Tuurlijk, er is een massa electronica te vinden, maar dan vooral eenheidsworsten. Waar zijn die zogenaamde futuristische gadgets (op de GSM’s na)? Of moet ik beter zoeken?

10. MUUR. En dan bedoel ik van die sesam-open-u muren die mits gebruik van de bankkaart een deel van hun schat afgeven. Bitter weinig automaten die niet-Japanse kaarten aanvaarden. Laat staan dat de winkels je (visa)kaart aannemen! Gelukkig kreeg ik een tip van de Lonely Planet: Lach eens vriendelijk naar een jonge vrouw en zeg “International ATM” “Where?”. Dat werkt.

0 Comments:

Post a Comment

<< Home