Wednesday, June 14, 2006

Kunst en cultuur

Steeds opnieuw sta ik verbaasd over de alomtegenwoordigheid van de kunst in Japan. Zowel modern als traditioneel. Regelmatig zie ik een zoveelste boysbandgroepje met hun clichématig gezang en geacteer de jonge vrouwelijke omstaanders het hoofd op hol brengen. In de parken merk ik ook veel aquarellers en potloodtekenaars op, elk met hun eigen stijl. En dan zijn er natuurlijk de kleurrijke en stijlvolle tempelcomplexen, de tuinen, de mannen en vrouwen in traditionele kledij en de ateliers en winkels volgestouwd met specialiteiten van het huis.

Hier is de kunst ook nog een echte industrie. Een broodwinning. Hier voel je dat je nog iets van waarde vasthoudt in een zoveelste souvenirwinkel, ook al klinkt het misschien contradictorisch dat zaken voor de massa meer dan alleen oppervlakkigheid te bieden hebben.
Lakwerk, textielverven, keramiek, houtbewerking, kalligrafie, … blijkbaar is er echt wel een binnenlandse markt voor, want je ziet hier maar weinig buitenlanders…

Het feit dat Japan zich zo lang gesloten hield van de buitenwereld (behalve voor de Nederlanders!) heeft echt wel gemaakt dat ze naast een eigen kunst ook een eigen cultuur hebben opgebouwd. De “val elkaar niet lastig”-filosofie valt me daar het meest in op. Je hoort niemand op straat of in de trein luid spreken. En de mensen zijn heel vriendelijk en behulpzaam (toch naar mij toe). Hier ben je koning, zelfs al ben je geen klant. En ik heb de indruk dat iedereen hier wordt verdragen…
Over de positie van de vrouw - aan de haard, belle-soi’ent en tais-toi’ent - kan ik mijn vooroordelen noch bevestigen, noch ontkennen. Het laatste “women-only” wagonnetje aan de trein is natuurlijk wel een feit…

0 Comments:

Post a Comment

<< Home